Leer de tafels spelenderwijs!
Gratis oefenen met de maaltafels van 1 tot 10. Voor kinderen van het 2de, 3de en 4de leerjaar.
Kies een tafel om te oefenen
Klik op een tafel om direct te beginnen met oefenen
Veelgestelde vragen
De beste manier om de tafels te leren is door regelmatig kort te oefenen. Begin met de makkelijke tafels (1, 2, 5, 10) en bouw langzaam op. Oefen elke dag 10-15 minuten en herhaal de moeilijke sommen extra vaak. Gebruik ook trucjes zoals verdubbelen bij de tafel van 4 (eerst ×2, dan nog eens ×2).
Kinderen beginnen meestal met de tafels in het 2de leerjaar (groep 4 in Nederland), rond 7-8 jaar. Ze starten met de makkelijke tafels van 1, 2, 5 en 10. In het 3de en 4de leerjaar komen de moeilijkere tafels aan bod. Maar elk kind is anders - sommigen zijn er eerder klaar voor, anderen hebben meer tijd nodig.
10-15 minuten per dag is ideaal. Korte, regelmatige oefensessies werken veel beter dan lange, sporadische sessies. Je kunt dit opsplitsen in meerdere momenten: 's ochtends 5 minuten, na school 5 minuten. Consistentie is belangrijker dan duur.
De tafels van 7, 8 en 9 worden vaak als moeilijkst ervaren. Dit komt doordat ze minder patronen hebben dan andere tafels. Tips: bij de tafel van 9 tellen de cijfers van het antwoord altijd op tot 9 (bijv. 9×7=63, 6+3=9). De tafel van 8 kun je leren door te verdubbelen: 8×6 = 4×6×2 = 24×2 = 48.







